Componist = Henriëtte Bosmans of Johannes Brahms?

Woensdag 8 maart is het internationale vrouwendag. Ook in de muziekwereld wordt extra aandacht besteed aan vrouwelijke componisten. Jammer genoeg nog altijd vaak als een categorie apart, ook door de Concertzender. Opvallend genoeg is de ‘componist van de maand’ in maart overigens niet Barbara Strozzi is, maar Claudio Monteverdi.

Sinds jaar en dag strijd ik voor meer vrouwelijke noten op de muziekpodia, vaak tegen taaie weerstand in. Zo presenteert het Koninklijk Concertgebouw het komende seizoen slechts één werk van een vrouwelijke componist, de Doodenmarsch van Henriëtte Bosmans. 

In deze ‘vrouwenmaand’ herpubliceer ik een reeks columns die ik de afgelopen decennia schreef over de veronachtzaming van vrouwelijke componisten. Zaterdag 4 maart verscheen mijn column over Ethel Smyth, vandaag een stukje uit 2004 over de blinde vlek van beleidsmakers.

Componist m/v

Verschenen in het tijdschrift Luister, januari 2004

Eerlijk zeggen: welke namen schieten u te binnen bij het woord componist? Hildegard von Bingen, Josina van Boetzelaer en Henriëtte Bosmans – of Johann Sebastian Bach, Ludwig van Beethoven en Johannes Brahms? Het is dat ik nooit wed, anders zou ik de eer van mijn moeder inzetten op het tweede antwoord. Een componist is voor hele volksstammen nog altijd vanzelfsprekend een persoon van mannelijke kunne.

Zo niet voor minister De Geus, die onlangs stelde dat de vrouwenemancipatie geheel en al voltooid was. Nu ben ik dol op positief nieuws – mijn tranen gaan al stromen als ik lees dat een kind uit de gracht wordt gered – maar dit kon ik eenvoudig niet geloven. Had ik de afgelopen twintig jaar mijn ogen dan in mijn zakken gehad en waren al die poenerige baasjes op mijn pad eigenlijk vermomde vrouwen?

Ik las de tekst opnieuw: ‘De aanwezigheid van vrouwen op nagenoeg alle plekken van de Nederlandse samenleving is nagenoeg vanzelfsprekend.’ Was ik dan blind voor hun aanwezigheid op onze veelgeroemde concertpodia?

Het tweemaal gebruikte ‘nagenoeg’ kietelde mijn speurzin. Ik vlooide de seizoensfolders van de tien landelijke orkesten door en vond welgeteld twee dames: Lili Boulanger bij het Noord-Nederlands Orkest en Sofia Goebaidoelina bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest. De drie klassieke omroeporkesten dan?

Eerst maar eens gekeken naar de Zaterdagmatinee, die de naam heeft licht progressief – dus geëmancipeerd? – te zijn. Op een totaal van veertig programma’s prijkt niet één werk van een vrouwelijke componist. Het Zondagochtendconcert van de AVRO presenteert een compositie van Thea Musgrave; de immer verguisde TROS wint met twee componerende dames: Pauline Viardot en Viera Janarcekova.

Misschien ben ik een beetje dom, maar van ‘voltooide emancipatie’ lijkt me hier geen sprake. Dat er deze maand toch ‘vrouwelijke’ noten tot klinken komen danken we aan enkele kamermusici, die optreden in Groningen, Amsterdam en Heemstede. – Nagenoeg op alle concertpodia van Nederland…

 

 

Advertisements
This entry was posted in archive, music, women composers and tagged , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s